Zuidplas maakt inhaalslag op duurzaamheid

Nieuwerkerk aan den IJssel – De gemeente Zuidplas maakt een inhaalslag op het gebied van duurzaamheid. Dat is de belangrijkste conclusie van het duurzaamheidsrapport van de Groene Hart Rekenkamer.
Op de landelijke ranglijst van duurzaamste gemeenten is Zuidplas terug te vinden in de achterhoede. Plaats 347 spreekt allesbehalve tot de verbeelding op een totaal van 380 gemeenten. Zuidplas hoeft zich echter geen zorgen te maken volgens Jolien Kamermans, één van de opstellers van het rapport. “Zuidplas is relatief laat begonnen met het maken van beleid met betrekking tot duurzaamheid. Je ziet dat er een flinke inhaalslag wordt gemaakt en er versnelling is in de uitvoering.”
Het Rekenkameronderzoek spitste zich toe op drie werkgebieden: de kaders, de inhoudelijke resultaten en het proces. ‘De focus in programma Duurzaamheid en Klimaat ligt op energie, klimaat circulair en leefbaarheid. Het programma geeft invulling aan landelijk en provinciaal beleid’, stelt de rekenkamer bij de kaders.
Wat de inhoudelijke resultaten betreft beschrijft het rapport dat Zuidplas nog maar net begonnen is met de uitvoering en daardoor meten lastig is. “CO2-uitstoot blijft hoog en opwekking voldoet niet aan regionaal convenant en landelijke doelen (2 in plaats van 14 procent). De uitdaging ligt in de Regionale Energie Strategie en Transitievisie Warmte.”
Bodem en biodiversiteit scoren laag en mobiliteitsvisie is toe aan een update, menen de onderzoekers. Beleid circulaire economie moet nog starten en afval loopt qua doelen voor op landelijke doelen, in de realisatie loopt het nog achter.
Op het terrein van biodiversiteit is er voor Zuidplas nog veel te winnen. De rekenkamer noemt de biodiversiteit met 1,9 procent van de oppervlakte laag.
Bij het proces geeft het rapport nog een verbeterpunt. De betrokkenheid van de inwoners over de te zetten stappen is nog niet groot. Waar de rol van de gemeenteraad als pro-actief wordt betiteld en de interne samenwerking bij de gemeente als goed wordt gezien, wordt de participatiecultuur als ‘wat mager’ omgeschreven. Dat aspect wordt dan ook opgevoerd in de reeks van aanbevelingen. Andere ‘tips & tops’ zijn: voldoende budget regelen en hogere eisen stellen aan duurzaamheidsthema’s.
(Erik van Leeuwen)


                                 Wonen in je eigen paradijsje

Hoe is het mogelijk dat de wethouder van volkshuisvesting, Jan Hordijk, de regels overtreedt met zijn eigen huisvesting. Volgens het Wetboek Artikel 36a Gemeentewet hoort de ingezeten wethouder woonachtig te zijn in de gemeente waar hij wethouder is, waar hij sinds na een paar jaar aan voldeed.

Dat de wethouder in een buurgemeente woont die niet behoort tot de gemeente Zuidplas en waar hij van de raad toestemming voor heeft gekregen, kan er bij mij niet in.
Volgens Artikel 36a Gemeentewet staat dat burgemeester en wethouders die niet in de gemeente woonachtig zijn, zich in hun gemeente moeten vestigen. Eventueel kan er uitstel worden verleend van één jaar en mogelijk van nog één jaar, maar deze wethouder doet het andersom, wat niet in de gemeentewet voorkomt; hoe kan dit gebeuren?

In het recreatiepark in Moordrecht zijn de mensen boos op hem, omdat zij daar niet permanent mogen wonen en zij moeten zich aan de wet houden en moet er gehandhaafd worden, anders krijgen zij een boete.
Maar hoe zit het dan met deze wethouder die zich niet aan de wet houdt, maar aan de raad vraagt om de wet aan te passen om buiten de gemeente te mogen wonen, is dat wel eerlijk?
De wethouder zou ook aan de raad kunnen vragen om de wet aan te passen voor het recreatiepark en van het recreatiepark een gewoon woongebied te maken. Dan hebben die mensen rust, net zoals de wethouder die heeft, waar hij nu woont.

Frans Pot, Nieuwerkerk aan den IJssel