Coördinator Joke Sapuletej-de Fretes nam de onderscheiding namens de vrijwilligers in ontvangst.
Coördinator Joke Sapuletej-de Fretes nam de onderscheiding namens de vrijwilligers in ontvangst.

Opsteker voor vrijwilligers van jarig Moluks Ouderenhuis

Algemeen 1.836 keer gelezen

Moordrecht - Een zaadje dat vijftien jaar geleden werd geplant en waarvan het resultaat er nog steeds mag wezen: dat is volgens burgemeester Han Weber het Molukse ouderenhuis Rumah Orang Tua Tua, dat vorige week zijn derde lustrum vierde. Weber onderscheidde de 26 vrijwilligers vrijdag 18 maart met De Golfslag van de gemeente. Ze kregen bloemen, gebak, een oorkonde en een glazen object.

Het Molukse ouderenhuis bestaat sinds 2007. Naast het bieden van dagbesteding die aansluit bij de cultuur, traditie en geschiedenis van Molukse ouderen in de wijk, werkt het nauw samen met lokale en landelijke organisaties, predikanten, huisartsen, instanties en de gemeente. “Het heeft zelfs een voorbeeldfunctie in den lande”, merkte Weber op tijdens de feestelijke bijeenkomst vorige week.

Verlies
Hij noemde de coronaperiode een moeilijke tijd voor de vrijwilligers en bezoekers en stond kort stil bij het verlies van vijf ouderen, die overleden aan de gevolgen van het virus.

Nu staat de deur van het huis aan de Prinses Margrietstraat weer elke dinsdag en vrijdag open om vereenzaming onder ouderen tegen te gaan, mantelzorgers te ontlasten en eventuele problemen vroegtijdig te signaleren en aan te pakken. De vrijwilligers, die zelf ook een Molukse achtergrond hebben, hebben ieder hun eigen taak. Zo houdt de een zich bezig met het organiseren en aanbieden van activiteiten en zet een ander zich in voor het onderhoud van de tuin. Weer een ander maakt zich verdienstelijk in de keuken. Daarnaast bieden de vrijwilligers in het ouderenhuis beweegactiviteiten aan onder de naam Sociaal Vitaal.

Coördinator Joke Sapuletej-de Fretes nam de gemeentelijke onderscheiding namens de vrijwilligers in ontvangst. “Dat zaadje waarover u het had, is ontzettend belangrijk geweest”, zei ze. “En je moet het ook water blijven geven. Maar eigenlijk hebben wij geen oorkonde of schouderklopje nodig, omdat we dit doen vanuit ons hart. We zijn er zelf van onder de indruk dat wat er uit dat zaadje is gegroeid, nog steeds bloeit.” (Judith Rikken)

Uit de krant