
CKV Nieuwerkerk is gegroeid, maar karakter club is gebleven
SportKORFBAL
Nieuwerkerk aan den IJsel - CKV Nieuwerkerk is 65 jaar en dat viert de club een heel jaar lang. Clubiconen Leen Vogelaar, Jan Hordijk en Gerda van der Knaap zijn trots op hun vereniging. “We hebben vijfhonderd leden, maar zijn wel een familieclub gebleven.”
Door Erik van Leeuwen
Hordijk is de man van de anekdotes. Zo vertelt hij het verhaal dat hij in het spreekuur een reprimande kreeg van een vrouwelijke patiënt. “Ik heb u zaterdag zien spelen en vond u een vervelende man, zei ze”, zegt de gepensioneerd huisarts. “Daar kon ik me wel iets bij voorstellen. Ik was niet gemeen, maar laat ik zo zeggen, verbaal sterk. Als ik zo een tegenstander uit het spel kon krijgen, deed ik dat.”
Gerda van der Knaap (71) bevestigt dat. “Soms gingen die jongens té ver. Dan zeiden we er wat van.”
Hordijk en Van der Knaap speelden in de hoofdmacht, Vogelaar (81) was erbij toen Nieuwerkerk het levenslicht zag. “Sport was in die jaren in opkomst, maar je had hier alleen de gym en de voetbal, die op zondag speelde. Dat vond de gereformeerde kerk geen goed idee.”
Een officieel veld had de Christelijke Korfbal Vereniging Nieuwerkerk toen nog niet. “We speelden op een gras- of weiland. Het veld werd voor de wedstrijd uitgezet. In het begin waren er ook geen kleedkamers. Pas later kwam er omkleedgelegenheid.” Nieuwerkerk leidde in die jaren een zwervend bestaan door het dorp. Vogelaar: “De zaalcompetitie was er toen nog niet, we speelden alleen op het veld.”
Nieuwerkerk had toen nog maar een paar teams. “Twee of drie seniorenteams en misschien twee, drie jeugdteams. Je mocht ook pas gaan spelen vanaf twaalf jaar”, weet Vogelaar.
Met de verhuizing naar het toenmalige nieuwe sportpark stapte de club een nieuw tijdperk in. “We hadden daar niet meteen een clubhuis hoor”, vertelt Hordijk. “De eerste jaren mochten we gebruikmaken van twee kleedkamers bij de voetbalvereniging. We hadden een heren- en dameskleedhok. Later kregen we samen met de hockey een clubgebouw, weer later kregen we een eigen gebouw.”
Inmiddels speelt Nieuwerkerk alweer jaren op De Kleine Vink. “Een fantastische accommodatie, zowel binnen als buiten”, vindt Van der Knaap, die momenteel herstellende is van een hernia. “Ik hoop weer snel training te kunnen geven.” Dat doet ze al veertig jaar aan de F’jes. Nieuw talent dat zich aandient merkt ze meteen op. “Ik heb heel wat telefoontjes gepleegd naar ouders of ze hun kind vooral lid wilden maken.”
Hordijk was zes jaar voorzitter van de club en zag Nieuwerkerk in die tijd ook groeien. Hij was echter ook voorzitter toen de Ringvaarthal afbrandde en Nieuwerkerk dus geen thuishal had voor de zaal. “Dat was een onzekere tijd, want de politiek treuzelde, vond ik, met de bouw van een nieuwe sporthal.”
Ook Vogelaar, die al vijftig jaar wedstrijdsecretaris is van de senioren, kan zich die lastige periode nog goed herinneren. “We moesten overal en nergens gaan trainen en wedstrijden spelen. Je was blij als je een plukje wedstrijden kon spelen in een sporthal.” Nieuwerkerk kwam die periode zonder veel schade door. “Ik geloof niet dat we veel in ledental achteruit zijn gegaan.”
Dat kwam volgens Van der Knaap ook door de familieclub die Nieuwerkerk toen was en nu nog steeds is. Hordijk kan dat beamen, want vijf van zijn kleinkinderen spelen bij Nieuwerkerk. “Ik heb er ook nog drie spelen bij KCC in Capelle. Mijn jongste dochter is blijven hangen aan een KCC’er. Daar doen we niks meer aan.”


















