Afbeelding

Het raadsel van Abe

Algemeen 182 keer gelezen

Een van de eerste collega’s die ik leerde kennen toen ik bij de gemeente Zevenhuizen begon, was Abe. Hij was al in de vijftig en een echte Fries. Hij had al jarenlang de onderwijswetgeving onder zijn hoede. Geduldig legde hij mij uit hoe de onderwijsdossiers moesten worden samengesteld. Dat deed hij ongetwijfeld niet alleen uit collegialiteit, maar ook uit eigenbelang: dan wist hij tenminste zeker dat hij zijn stukken later weer kon terugvinden. Tijdens de lunch zat Abe steevast bij collega Jan en mij zijn boterhammen op te eten. Over van alles werd gepraat: politiek, sport, het weer en de gemeentelijke perikelen. Alleen over zijn privéleven sprak hij nooit.

Van Jan hoorde ik dat Abe op kamers woonde in een kosthuis vlak bij het gemeentehuis. Ook vertelde hij dat niemand ooit had kunnen ontdekken waar Abe tijdens zijn vakanties verbleef. Dat prikkelde mijn nieuwsgierigheid. Ik probeerde het regelmatig tussen neus en lippen door te vragen, maar telkens stuitte ik op een muur van stug Fries zwijgen. Toen zijn kosthuis werd gesloopt, kocht Abe – inmiddels eind vijftig – een huis in Plan West. Een paar jongere vrijgezelle collega’s en ik gingen af en toe uit in Rotterdam. Wij vroegen Abe een keer of hij ook mee wilde en tot onze verrassing ging hij vanaf dat moment bijna altijd mee. We bezochten films, restaurants, discotheken en zelfs een nachtclub. Terwijl wij ons op de dansvloer uitsloofden, stond Abe rustig aan de kant te kijken naar al het wonderlijks dat zich voor zijn ogen afspeelde. Hij leek zich uitstekend te vermaken, zonder ook maar één pasje mee te dansen.
Later verhuisden we naar het nieuwe gemeentehuis. Mijn kamergenoot Joop en ik besloten Abe eens in de maling te nemen. We stapten zijn kamer binnen en begonnen met ernstige gezichten de ruimte op te meten. Op zijn verbaasde vraag wat we deden, antwoordden we dat zijn kamer waarschijnlijk toch beter bij onze werkzaamheden paste. We vertrokken en lieten een verbijsterde Abe achter. Een dag later werden Joop en ik bij de gemeentesecretaris geroepen. Abe had zich serieus beklaagd over de mogelijke kamerwissel. Zelfs de gemeentesecretaris moest erom lachen, al gaf hij ons wel mee dat Abe nu eenmaal een ander gevoel voor humor had.
Enkele jaren later ging Abe met pensioen. Nog geen jaar daarna overleed hij totaal onverwacht. Toen hoorden we van zijn familie eindelijk waar hij al die vakanties doorbracht: gewoon bij hen in Friesland. Dit raadsel had van mij nog heel lang onopgelost mogen blijven.

(de kronieken zijn van de hand van Hans Sytsema en gebaseerd op ware gebeurtenissen; namen van burgers en ambtenaren zijn gefingeerd)

Uit de krant