Afbeelding
Kronieken van een ambtenaar

De Hennipgaarde 2

Column 25 keer gelezen

Na mijn eurekamoment en een korte interne brainstorm keerde ik mijn fiets weer om richting roeibaangebouw. Zoals ik al hoopte, was Bernard Jansen aanwezig. Hij was de laatste van het trio dat ik tien jaar eerder had leren kennen als de grote lobbyisten voor de roeibaan. Inmiddels hield hij als vrijwilliger de tent draaiende.

Ik vertelde hem over de kans die ik zag voor een groot parkeerterrein voor evenementen bij de roeibaan. Zijn ogen begonnen te glimmen. Hij zag meteen mogelijkheden voor het komende WK roeien. Enkele weken later waren de lijntjes gelegd naar Rotterdam Topsport en naar de Rotterdamse bestuurder in het recreatieschap. Ook met de gemeente Zuidplas was inmiddels contact en daar was enthousiasme. In het bestuur van het Recreatieschap was het voorstel vervolgens bijna een hamerstuk. Alleen zei de bestuurder van Zuidplas nog dat we de inwoners van Zevenhuizen nauw moesten betrekken bij de inrichting. 

Enkele maanden later reed ik na de gemeenteraadsverkiezingen met de nieuwe wethouder – Rik van Woudenberg - van Zuidplas door het Rottemerengebied. Een mooie manier om kennis te maken en hem meteen bij te praten over wat er allemaal speelde. In de Eendragtspolder wees ik hem op het grote perceel langs de Van Oudheusdenweg, bestemd voor commerciële voorzieningen. “We hebben net een marktonderzoek laten uitvoeren naar de mogelijkheden. Het perspectief voor één of meer festivals is erg goed”, zei ik voorzichtig. Wethouder Van Woudenberg dacht even na. “Komt dat even goed uit”, zei hij. “Dit nieuwe college zoekt een plek voor een groot festival binnen de gemeente. Dat zou hier mooi kunnen.”
Verderop wees ik hem op het aangekochte perceel agrarische grond. Tijdelijk parkeren bij evenementen, een verbindingsgebied vanuit het dorp en, als bonus, een plek om één keer per jaar de autocross van de lokale harmonie te organiseren. De wethouder was enthousiast. Zeker toen ik hem verzekerde dat inwoners nauw betrokken zouden worden. Met een tevreden gevoel keerde ik huiswaarts. We konden aan de slag.

Met De Kleine Trompetter zaten we snel om tafel. Ook de muzikanten waren razend enthousiast. Er werden al ontwerpen gemaakt: een schapenweide, wandelpaden en één keer per jaar hun evenement. Korte tijd later sprak ik in de privésfeer een goede vriend en dorpsgenoot. Ik vertelde trots over de aankoop en de plannen. Dat kon, want alles stond tenslotte in openbare aankoopstukken. Toen ik de jaarlijkse autocross noemde, zag ik hem zijn wenkbrauwen fronsen. Een week later lag er bij vrijwel iedereen in de buurt een pamflet in de bus met de tekst:

GEEN PERMANENTE MOTORCROSS IN DE EENDRAGTSPOLDER.

Als ervaren bestuursambtenaar weet je dan meteen: foute boel. Want als er eenmaal een verkeerd frame staat, krijg je dat nooit meer rechtgepraat.


Meer in de volgende kroniek.
(de kronieken zijn van de hand van Hans Sytsema en gebaseerd op ware gebeurtenissen; namen van burgers en ambtenaren zijn gefingeerd)

Uit de krant